Dekking,dracht,geboorte

Kennel "De Zwarte Fruinen"

Voorbereiding, de dekking, dracht en bevalling.

 

Het is zover, u gaat met uw teefje dat ooit beloofde nestje fokken!

 

Deze “handleiding” hebben wij geschreven vanuit onze eigen ervaringen en gezichtspunten. Andere fokkers doen bepaalde dingen misschien heel anders en dat hoeft niet per se verkeerd te zijn. De meeste van onze fokkers zijn zg. gelegenheidsfokkers, ze fokken omdat ze het beloofd hebben, toen ze een pupje kochten en natuurlijk om te helpen bij het terugfokprogramma. En soms maken ze zich dan vreselijk veel zorgen, of ze het allemaal wel goed zullen doen.

 

Wij hebben inmiddels 14 nesten gefokt. 5 Smouzen- en 9 Markiesjesnesten. Ons laatste nest was het A-nest van “De Zwarte Fruinen”.

 

Dat moet misschien uitgelegd worden: “De Zwarte Fruinen” is onze kennelnaam. Elk nest van de Smousjes hebben wij een bepaalde letter gegeven, zodat wij later weer weten, van welke teef bijv. Barteld ook alweer was. Maar u bent dit niet verplicht. Bij de Markiesjes krijgen de pups een naam met de jaarletter, b.v. W voor het jaar 2006.

 

Een kennelnaam kan worden aangevraagd bij de Raad van Beheer en is handig, als u meer dan dat ene nestje wilt fokken. Uw pups blijven altijd herkenbaar vanwege hun kennelnaam. Voor het terugfokprogramma is het handig, bijv. om de ene Veerle van die andere vier te onderscheiden. Een kennelnaam aanvragen moet u zeker een driekwart jaar voordat uw nest komt doen. Het is een vrij prijzige zaak en zonder achternaam zijn uw puppy's net zoveel waard.

 

Uw teef moet haar normale inentingen hebben gehad, maar nooit tijdens loopsheid of dracht. Wij geven ook nooit tijdens loopsheid, dracht en nestperiode vlooienmiddelen in de vorm van een band, pilletjes of de zg. nekdruppels. Gewoon voor de zekerheid. Wel gebruiken wij in het begin Front Line in sprayvorm. Voor teken een maand en voor vlooien 3 maanden werkzaam.

 

Laat nooit, (tenminste, zonder medische redenen), een röntgenfoto van uw teef maken, alleen uit een soort nieuwsgierigheid. Simpelweg omdat het schade kan aanrichten bij de pups. Kunt u uw nieuwsgierigheid echt niet bedwingen, dan kunt u altijd een echo laten maken. Heeft uw dierenarts zo’n apparaat niet, laat u dan doorsturen naar iemand die er wel één heeft.

 

Als uw teefje net loops(Smous) is geworden of enige tijd daarvoor (Markiesje), vraagt u fokadvies aan bij mevr. Fredie v.d. Giessen, voor de Smousjes en bij Mevr. Mieke van Ederen voor het Markiesje. Het is zinloos om dit al veel eerder te doen, omdat misschien juist op het moment van loops worden (Smous) er een bijzonder mooi en geschikt jong reutje is beoordeeld. U krijgt dan een lijstje met een aantal reuennamen met een beschrijving van hun uiterlijk, eigenschappen en karakter. Reu nr 1 op die lijst wordt door het terugfokprogramma als de meest geschikte dekreu beschouwd.

Handig is om zo snel mogelijk met de reueigenaar contact te zoeken en te vragen of u met uw teef terecht kan op de juiste dag.

En hier ligt nu juist het probleem. Wat is de juiste dag? U kunt geen datum afspreken, die u toevallig handig uitkomt, omdat u daar dan toch in de buurt moet zijn of omdat u die dag vrij bent. Het juiste moment van dekking ligt vaak tussen de 10e en 14e dag van de loopsheid, maar dekkingen op dag 7 of 19 komen ook voor. Vrienden van ons fokten met Duitse herders en een teef van hun bleek pas dekrijp op de laatste dagen van de loopsheid.

 

U moet goed de eerste dag van de loopsheid hebben opgemerkt (een wit kleedje in de mand). Een dekrijpe, willige teef, zal bij krachtig kriebelen boven de staartinzet, haar staart opzij doen. Helaas doen sommige teven dit de hele loopsheidperiode, zodat deze aanwijzing dan waardeloos is. Hebt u meerdere teven in huis, dan zullen zij vaak op elkaar rijden in die periode. Ook het gedrag op straat geeft aanwijzingen. Reuen zijn buitengewoon belangstellend en als de juiste dag nadert, zullen ze proberen uw teef te bespringen of op uw teef te rijden, de meeste teven zullen dan ook toenadering zoeken en de reu uitdagen. Tegelijkertijd zal de ergste bloeding over zijn en wat roziger van kleur geworden zijn. Ook dit is iets moeilijks, als je de eerste keer je teef laat dekken, want je denkt dan algauw, dat je te laat zult zijn.

 

Veeg met een wit zakdoekje twee keer per dag langs de vulva voor de "kleurtest".

 

De vulva is nu erg zacht, groter dan normaal en een beetje sponzig. Nu moet u met haar naar de reu. Trek er voldoende tijd voor uit, sommige teven willen eerst uren spelen, voor ze de reu toelaten. Handig is om de twee honden in een afgesloten tuin te laten en een oogje in het zeil te houden, maar binnen kan ook.

 

Vaak gromt de teef in eerste instantie de reu bij het bestijgen weg, maar zoekt zij hem toch steeds weer op. Vooral een onervaren reu wil er letterlijk nog wel eens naast zitten. Probeer wel te beletten, dat dit te lang duurt, zodat hij niet "zijn kruit voortijdig verschiet" en met een uitgeschachte penis rond moet stappen. Baasjes schrikken nogal eens van de lengte en grootte ervan. Het duurt een poos voordat hij daarna opnieuw kan dekken. Ons zg. helpen werkt nogal eens averechts. De meeste reuen willen dit absoluut niet. Als een reu te ver van de teef weg staat, kunt u onopvallend uw voet dwars achter zijn achterpootjes zetten, zodat hij er dichter bij blijft. De ander kan dit onopvallend voor de teef haar voorpootjes doen. Als de teef eenmaal de reu zijn gang laat gaan, dan is aan het piepen van de teef te horen, dat de reu erin zit. Na een paar stoten zal hij proberen een van zijn achterpoten over de rug van de teef te tillen, nu kunnen we wel helpen. Voorkom dat de teef gaat lopen. Ze staan nu dus kont aan kont of naast elkaar. Voorkom ook dat de teef gaat zitten, dit is pijnlijk voor de reu. De een houdt de teef en de ander de reu vast. De penis zit a.h.w .vastgeschroefd in de teef. Laten zitten dus. Als je nu je hand op de buik van de teef houdt, dan voel je de buik steeds samentrekken, zo wordt het zaad naar boven getransporteerd.

 

 

 

 

Na 10 tot soms wel 40 minuten komen ze vanzelf los. Over een of twee keer dekken zijn de meningen verdeeld. Wij gaan altijd maar één keer en tot nu toe hebben wij bijna altijd pups gehad. Wilt u wel per se twee keer gaan, dan moet er tussen de twee dekkingen, van uiteraard dezelfde reu, ongeveer 48 uur zitten.

 

Als de dekking niet lukt, omdat de teef erg afsnauwt en dit blijft doen, dan zit u vaak op een te vroeg moment. Vooral baasjes, die dit voor de eerste keer meemaken, zijn vaak benauwd het goede moment te missen. De reu kan er dan letterlijk nog niet in, omdat de vulva nog te hard is. Later terugkomen kan een oplossing zijn. Een veel kleiner reutje kan er soms niet goed bij, hoewel sommige zeer inventief zijn. Een niet te zacht kussen onder de reu en de teef enigszins proberen voor het kussen te zetten, is een oplossing.

Of ga naar licht geaccidenteerd terrein. Er zijn ook wel inventieve reutjes, die hun achterpootvoetjes op de sprongen van de teef zetten.

 

De kosten van de dekking moet u direct voldoen. U moet de reueigenaar de dekkaart laten tekenen. Deze hebt u nodig om aangifte van de geboorte te doen bij de Raad van Beheer, u vraagt hem daar ook aan. De dekkaart moet van de site van de Raad van Beheer gedownload worden en naar de Raad van Beheer opsturen na de geslaagde dekking.

 

De komende weken zult u weinig aan uw teef kunnen merken. Veel teven slapen wat meer en soms geven ze de eerste dagen een beetje over. U moet de teef niet in haar beweging beperken. Na de dekking beginnen wij meteen met het geven van puppy brokken aan de teef. Dat is beter voor de aanmaak van de pups. De hoeveelheid wordt geleidelijk opgevoerd tot ongeveer 2x de normale hoeveelheid aan het einde van de dracht. Sommige merken voer hebben ook een voer voor honden, die extra inspanningen moeten verrichten, maar dus ook drachtige honden. Dit voer geeft u de teef ook tijdens de periode, dat ze pups heeft.

 

Ongeveer een week van tevoren zet u de werpkist neer en legt daar haar bedje in, zodat ze kan wennen. Zorg dat u weet of uw dierenarts bereikbaar is en zo niet, wie dan wel.

 

Verder is het handig alvast in huis te halen:

Ø een flesje Dettol,

Ø druivensuiker, (Dextro energy tabletten, naturel)en puppymelk

Ø keuken- of babyweegschaal ( die kunt u gewoon bij een drogist huren),

Ø flaconnetje sterke drank (nee, niet voor het baasje!),

Ø tegenwoordig in de apotheek te koop een zg. slijmzuigertje voor baby’s. Bij de firma Spat kunt u speciaal voor puppy’s een slijmzuigertje bestellen.

Ø flossdraad (Ja, dat van uw tanden)

Ø een flesje Utero Vetsem

Ø Nutridrops

Ø Calciumtabletjes (laagste dosering) tegen calciumgebrek van b.v. Kruidvat of Trekpleister

Ø haakgaren om bandjes te haken.

 

De geboorte

 

Onze Nouchka beviel een keer op de 58e dag. Als de pups eerder komen hebben ze niet veel overlevingskansen. Er zijn teven bij die op de 67e of 68e dag werpen. De gemiddelde draagtijd van een hond bedraagt 63 dagen.

Zo’n lange dracht van bijv. 67 dagen is wel zeldzaam, maar niet abnormaal zeker niet als er maar weinig pups zijn. 95% van drachtige honden bevalt tussen de 61e en 65e dag. De overige 5% zit daarvoor of daarna.

Uiteraard moet u, in het geval van zo’n lange dracht, contact met de dierenarts houden. Als overigens, bij een lange dracht, duidelijk is dat er maar 3 of minder pups zullen zijn, zullen veel dierenartsen besluiten een keizersnede uit te voeren, omdat er gevaar is, dat de pups te groot worden. Zijn er meer pups, dan besluiten de meeste dierenartsen nog af te wachten tot bijv. de 66e of 67e dag. In het geval van een lange dracht zal de dierenarts wel geneigd zijn een röntgenfoto te maken, om te zien, hoeveel pups er zijn.

Een dracht die zo lang duurt, vergt wel ijzeren zenuwen van de baasjes. Als stelregel zou u kunnen aanhouden, dat u op de 66e dag voor de zekerheid even langs de dierenarts gaat.

 

Als je de eerste keer een nestje fokt, ben je o zo zenuwachtig om het moment van bevallen niet op tijd te zien aan komen. De 5 dagen voor de uitgerekende datum laat ik de teef niet al te lang meer alleen, ook ‘s nachts niet.

Er is echter maar één echt voorteken dat de bevalling aankondigt, dat is de daling van de lichaamstemperatuur, die ongeveer 12 tot 24 uur voor de bevalling begint. Alle andere in boeken beschreven voortekenen kunnen van dagen tot minuten voor de bevalling voorkomen. Als u het boek "De geboorte bij de hond" van Ridder en Naaktgeboren open slaat bij de voortekenen, vindt u bijv. bij "Zwelling van de vulva": maximaal 2,5 week; minimaal 1 dag. Bij "Maken van een nest": maximaal 3 weken tot minimaal 30 minuten. Dit boek is overigens toch zeer lezenswaardig en een must voor de beginnende fokker. De kracht van het boek zit hem o.a. in het verzamelen van een groot aantal gegevens van de fokkers van 720 nesten en de conclusies, die daaruit te trekken zijn.

 

Bij Kynotrain kunt u voor een luttel bedrag een fokwijzer (voor u zelf) en een aantal exemplaren van "Ha, die pup" (voor de nieuwe eigenaren) bestellen. Hierin vindt u ook veel goede informatie. In de fokwijzer zitten ook nog allerlei handige formulieren om bijv. de pups te beschrijven vlak na de geboorte, in het geval ze erg op elkaar lijken.

 

Het dalen van de lichaamstemperatuur is, zoals gezegd, wel een zeer betrouwbaar voorteken, omdat het samenhangt met de fysiologie van de baring zelf. De daling wordt nl. veroorzaakt door het afnemen van de progesteronspiegel en dit wordt weer veroorzaakt doordat de werking van oestrogenen de overhand krijgen. Bij een schijndracht gebeurt dit niet; omdat de progesteronspiegel alleen maar zo hoog kan worden, als de hond echt zwanger is. De daling is maar erg kortstondig en dat betekent dus, dat u in de laatste dagen van de dracht om de paar uur moet temperaturen, in ieder geval als u nog geregeld weg van huis moet. U moet goed haar normale temperatuur weten, bij de meeste honden ligt die tussen de 37,5 en 38,0.

12 tot 24 uur van tevoren daalt de temperatuur ongeveer 1,5 tot 2 graden; vaak onder de 37,0. Deze daling gaat vaak samen met rillen en trillen, ten onrechte vaak aangezien voor angst. Binnen twee uur stijgt de temperatuur weer maar bereikt niet meer de normale waarde. ‘s Nachts kunt u dit allerdiepste dieptepunt natuurlijk missen, maar enige daling is vaak ‘s morgens nog wel af te lezen.

Wij hebben nog maar één keer bij een drachtige teef de temperatuur gemeten en hebben de daling kennelijk gemist.

 

Soms kunt u constateren, dat de teef de afsluitende baarmoederslijmprop een paar dagen daarvoor heeft verloren.

 

Overigens: U kunt natuurlijk ook niks doen en simpelweg afwachten.

 

Uw nestkist staat natuurlijk al klaar, bekleed met een laag kranten en oude handdoeken, lakens of een molton daaroverheen, evenals de ontsmettende zeep, Dettol, haakgaren, flesje sterke drank, klosje garen of flossdraad, een schaar, die u vlak voor gebruik ontsmet in een Dettol oplossing, weegschaal, sluimzuigertje, een stapel handdoeken, papier en pen en, nog niet nodig, maar wel handig; een goed merk puppymelk.

 

Leg ook het telefoonnummer van de dierenarts klaar en zorg ervoor, dat u weet wie er avond en weekenddienst heeft, zodat u geen tijd hoeft te verdoen met het zoeken van telefoonnummers.

 

Enkele uren voor de bevalling wordt de teef meestal wat rusteloos, ze ligt niet meer lekker, graaft in haar bedje of nestkist, verscheurt wat lakens of kranten, hijgt wat, likt haar vulva. Het moment is nabij. Ze moet nu niet meer alleen gelaten worden. Sommige teven kunnen er erg onrustig van worden, om gedwongen te worden nu in de nestkist te gaan liggen. Andere vinden dit geen punt. Het kan geen kwaad om de teef haar eigen gang te laten gaan, als de bevalling echt begint, dan laten de meeste teven zich wel naar de nestkist dirigeren.

 

Vlak voor de bevalling wil de teef veel naar buiten om te plassen en te poepen. Ze gaat zich dan leeg maken ter voorbereiding van de bevalling. Laat haar dat aan de lijn doen en houd haar in de gaten. Als het donker is een zaklantaarn mee! Ook opletten als ze de tuin in wil, zeker als het donker is.

 

Pas als u de buik van de teef ziet samentrekken en/of slijm uit de vulva ziet lopen, is de baring zeer nabij, de ontsluiting is begonnen. Zet nu een teiltje met een Dettol oplossing klaar, met de schaar erin, verhoog de temperatuur in de huiskamer tot ongeveer 23 graden.

 

Tijdens één wee, komen verschillende persstoten voor. Een hondenwee duurt langer dan die van de meeste andere diersoorten, inclusief de mens; de pauzes er tussenin zijn ook langer. Als u voor de eerste keer een hondenbevalling meemaakt, kan het nogal verwarrend zijn, als u op een bepaald ogenblik een gespannen blaas in de vulva ziet verschijnen, waarop geperst wordt, terwijl u in het gebied vulva-anus nog geen harde delen voelt. Dit is het buitenste vlies, het chorion; dat onder spanning staat. De pup zit in een tweede vlies, het amnion. Tussen chorion en amnion zit ook vocht. Als het chorion knapt; ziet u dit vocht dus eerst weglopen. De pup zit nog steeds veilig verpakt in zijn tweede vlies.

 

Als de weeën intensiever worden, kunt u op een bepaald moment de plek tussen anus en vulva zien en voelen opzwellen. Pas als deze plek hard is (dat is de pup ), zit de eerste pup vlak voor de uitgang. Al gauw zal de pup in kop- of stuitligging geboren worden. Niet, terwijl de pup er nog niet helemaal uit is, de vliezen kapot maken! Dan zou hij gaan ademen en vruchtwater in de longen kunnen krijgen.

 

Ook niet aan de pup trekken, als na een persstoot de pup er nog niet helemaal is. Bij de volgende stoot komt hij vanzelf. Het spreekt vanzelf, dat als een pup werkelijk in de vulvaopening blijft steken en u ziet de teef geen persbewegingen meer maken, dat u heel voorzichtig de pup een beetje naar buiten probeert te masseren en zachtjes, heel zachtjes, wat trekt. Nooit aan de staart naar buiten trekken In de eerste plaats maakt u dan de vliezen kapot, in de tweede plaats kunnen de zenuwbanen in de staartwerveltjes, zo ernstig beschadigd raken, dat een deel van het staartje de eerste dagen na de geboorte afsterft.

 

Als de pup er is en de moeder heeft meer belangstelling voor de placenta dan voor de pup, wacht dan niet al te lang met het vlies bij de neus van de pup kapot te maken. De teef zal de placenta opeten, let daarbij op, dat ze niet te dicht bij de buikwand van de pup komt. Houd je wijs- en middelvinger rond de navelstreng tegen de buikwand aan. De teef knauwt de bloedtoevoer in de navelstreng dicht. Bloedt het restje toch nog wat na, dan tussen twee nagels flink dichtdrukken, totdat het restje wit wordt. De schaar lag klaar, om een te lang stompje; na dichtknijpen, af te knippen, minstens 2 cm van de buikwand af . De moeder zal het pupje schoon likken, dat stimuleert gelijk de ademhaling van het pupje. Als de pup niet soepel ademt en een beetje rochelt, dan kunt u heel voorzichtig het bekje en neusje een beetje uitzuigen met het slijmzuigertje of met de mond om het bekje en neusje zelf zachtjes leegzuigen en hem krachtig met een handdoek wrijven. Zorg ervoor dat de pup warm blijft, vooral tijdens de uitdrijving van een volgende pup. (Pup even weghalen als de teef erg met de wee bezig is, droog wrijven met een warme handdoek en dan tegen een warm kruikje in een handdoek of het pupje tegen iemands blote huid, onder kleding). Wij laten de pup(s) zo lang mogelijk bij de teef liggen. Als de teef rustig is, de pup weer bij haar laten. Van veel placenta’s eten, krijgen teven soms diarree. U zou kunnen besluiten, dat ze er maar 3 mag eten en de rest op tijd weg te halen.

 

Vermakelijk is, dat een pasgeboren pup, soms al binnen de 10 seconden een tepel gevonden heeft. Wij hebben het meegemaakt dat de pup nog niet helemaal uit de vulva was en al aan een tepel hing.

 

Let op of alle placenta's eruit komen. Soms worden er eerst twee pups geboren en dan twee placenta's. Schrijf van elke pup kenmerken en geslacht op. Als er twee pups erg op elkaar lijken, kunt u bij een pup een nageltje lakken of een gekleurd gehaakt bandje om doen, als onderscheidend kenmerk.

Bij de firma Kynotrain kunt u een Fokkerswijzer (+ voor elke nieuwe pupeigenaar het boekje “Ha, die pup.”) aanvragen voor een luttel bedrag. Hierin zitten kant en klare formulieren per pup, waar u dat soort dingen op kunt noteren.

 

Tussen twee pups kunnen 5 minuten zitten, het nest kan dan in korte tijd compleet zijn Tussen elke pup twee uur is ook normaal, maar een teef moet niet langer dan 2 kwartier op een pup hoeven te persen, doet ze dit wel, dan moet u een dierenarts bellen.

 

NOOIT, maar dan ook NOOIT zelf in zo’n geval piton spuiten! De dierenarts is de enige, die de diagnose “weeënzwakte” kan stellen en niet een bevriende boer, die elk jaar barende schapen heeft! Dit middel hoort slechts thuis in deskundige handen. Wordt piton gebruikt, terwijl er eigenlijk iets anders aan de hand is, dan kunnen de baarmoederhoorns scheuren, alle pups zullen sterven en de moeder loopt gevaar.

 

Tussen twee pups in kunt u de moeder wat laten drinken, b.v. bouillon of een tabletje druivensuiker geven.

 

Als een pup duidelijk moeite heeft te gaan ademen en slap aanvoelt, laat dan een druppeltje sterke drank midden op het tongetje vallen, echt maar 1 minidruppeltje. Door de "schok van de alcoholdamp" komt de ademhaling vaak op gang. Dit moet u alleen in uiterste nood doen, dus niet te snel. Vaak is uitzuigen van bekje en neus en krachtig wrijven voldoende, laat ook de moeder flink likken, ook dit stimuleert de ademhaling.

 

Als het nest compleet is, zal de teef rustig en verzaligd bij haar pups liggen. Als u haar laat staan, kunt u voorzichtig de buik aftasten, om te voelen of alle pups er zijn.

 

Als iemand de teef aangelijnd uitlaat (dit zal ze eigenlijk niet willen, als u niet goed oplet dan zullen sommige teven eindeloos lang hun plas of ontlasting ophouden, omdat ze niet van het nest weg willen), dan kunt u elke pup wegen en goed bekijken, controleren op afwijkingen, zoals een open gehemelte, het nest verschonen en de pups er weer in leggen.

 

Een enkele keer komt het voor, dat een teef ineens, na uren, ongemerkt een nakomertje heeft geworpen, terwijl u dacht dat het nest compleet was.

 

De teef zal meer behoefte aan eten en drinken hebben de komende weken. Wij geven de teef gedurende de tijd dat de pups er zijn puppy brokken. Blijf de teef goed in de gaten houden. Als ze te mager wordt de hoeveelheid voer opvoeren. Als de temperatuur in de kamer de komende 10 dagen 21-22 graden blijft (dag en nacht) en u ervoor zorgt dat tweederde deel van de bovenkant van de kist afgedekt is, dan hebt u echt geen bijverwarming, zoals warmtelampen boven de kist, nodig. Als zulke lampen nl. maar even verkeerd hangen, dan is dat voor de moeder erg vervelend, zij zal de kist willen verlaten en de pups lopen kans uit te drogen. Als u in een kist die voor tweederde is afgedekt eens een poosje een thermometer neerlegt, zult u zien, dat daar de ideale temperatuur (ongeveer 27 graden) heerst. Het spreekt vanzelf, dat u de eerste 4-5 nachten bij het nest slaapt, zodat u direct merkt of alles met moeder en pups in orde is. Vaak moet de teef er de eerste 3 nachten ook nog een keertje extra uit om te plassen.

 

Er zijn nog steeds dierenartsen, die de net bevallen moeder een injectie met piton ( een baarmoedersamentrekkend middel) + antibiotica geven. Volgens de moderne richtlijnen is dat tegenwoordig niet meer nodig. Uw teef kan er diarree van krijgen en de pups krijgen deze middelen met de moedermelk mee. Als u keurig hebt bijgehouden of er van elke pup ook een placenta is geboren, dan is piton al helemaal niet nodig. Is er een placenta niet mee gekomen met de pup en na enkele uren nog steeds niet, dan kan de dierenarts wel besluiten om piton te spuiten. Ook preventief antibiotica geven is ongewenst.

 

Wij geven onze teefjes Utero vetsem, een homeopathisch middel, volgens de gebruiksaanwijzing. Dit middel zorgt ervoor dat de baarmoeder weer schoon wordt, en ook gebruikt kan worden bij weeënzwakte.

 

Het ingevulde geboorteformulier met de namen van de pups moet u binnen 10 dagen opsturen naar de Raad van Beheer.

 

Tenslotte nog een waarschuwing: Als u meerdere honden in huis hebt; is het niet vanzelfsprekend, dat alles wel goed zal gaan. In een wolvenroedel is het zo, dat alleen een ranghoogste teef gedekt wordt en pups krijgt. Als een ranglagere teef toch een nest krijgt, dan wordt dit niet getolereerd door de alfateef en soms wordt zo'n nest dan gedood. Het is dus tegennatuurlijk, dat een zachtaardige dochter van uw dominante andere hond een nest krijgt. Gelukkig zijn de meeste wolvenmanieren redelijk afgezwakt bij onze huishonden.

 

Laat een nest dus niet alleen met andere honden erbij. Als het niet anders kan, dan het hele nest in een afsluitbare kennel. Overigens hoeft het niet fout te gaan. Meestal gaat alles probleemloos.

De teef moet u de eerste dagen goed in de gaten houden, rust geven, dus niet teveel mensen over de vloer, en u moet haar goed voeden. U kunt zelf zien of het goed gaat met de moeder. Is ze toegewijd en rustig? De eerste dag na de bevalling heeft de teef vaak een beetje verhoging en is dus hijgerig. Dit is normaal.

Als ze een zieke indruk maakt en/of de pups aan hun lot overlaat, moet u even de dierenarts waarschuwen. Misschien hebt u een placenta over het hoofd gezien en moet die nog er uit.

De teef heeft nu hoogwaardige voeding nodig van een goed merk. Geeft u van zo'n merk niet de normale reguliere, maar de puppybrokken of het high energy voer, dit voer wordt ook wel voor bijv. werkhonden gebruikt. U moet zich aan de richtlijnen van de fabrikant houden en niet teveel gaan geven. Verdeel haar dagrantsoen in deze periode over verschillende kleinere maaltijden. Zet voldoende vers water in (de buurt van) de werpkist. Zorg ervoor dat een pup er nooit in terecht kan komen. De eerste week zal de teef nog vloeien, het ziet er wat bloederig uit, de eerste dagen iets groenig-zwartig. U moet het laken of andere bedekking in de kist dus veelvuldig wisselen, zodat alles hygiënisch blijft en de pups droog liggen. Na een dag of drie zult u merken, dat de teef steeds vaker even de nestkist verlaat, maar bij de eerste de beste puppypiep zal ze weer naar de kist rennen.

U moet de pups iedere dag op ongeveer hetzelfde tijdstip wegen om te zien of ze aankomen. De eerste dag vallen ze soms iets af, dat is niet zo erg. Maar dat mag niet langer duren.

Pups moeten iedere dag wat aankomen. Niet te snel in paniek aken als de pups even wat minder aankomen. Kijk hoe de pups zijn, glimmen ze, zijn ze levendig en schreeuwen ze niet van de honger, dan is er niets aan de hand. Smouzenpups komen over het algemeen meer aan dan Markiesjespups. Groeien ze de ene dag heel veel, dan is het vaak de dag erop wat minder. Blijft een bepaald puppy wat achter, laat dan zo'n dikke sterke eerst even aan de beste tepel (achteraan) zuigen, haal hem er vanaf en leg het andere puppy aan. Een pup van een tepel halen, doet u door een pink in het zuigende puppybekje, aan de zijkant te steken. Dan wordt het vacuüm aan de tepel verbroken en kunt u het puppy er makkelijk van af halen.

 

Blijft een pup echt achter, dan kunt u de pup bijvoeren met puppymelk. U kunt de pup ook Nutridrops geven waardoor deze wat krachtiger wordt en uit zichzelf voldoende bij de moeder gaat drinken.

 

Na ongeveer een week moet u heel voorzichtig de puntjes van de nageltjes afknippen, ze zijn nl. vlijmscherp en maken wondjes aan de moederbuik. Alleen de puntjes, want anders knipt u "in het leven".

Dit herhaalt u ongeveer elke week.

Na twee weken moeten de pups ontwormd worden met een middel van de dierenarts, de teef wordt mee behandeld. Dit moet u elke twee weken herhalen.

De eerste twee weken zijn de oortjes en oogjes van de pups nog dicht, aan het eind van deze week zullen die zich openen. Toch moet u al vanaf de eerste dag elke pup iedere dag verschillende keren in uw handen nemen, tegen uw gezicht aan houden, aan uw vingers laten ruiken (de reuk is al heel sterk ontwikkeld), zachtjes tegen hem praten, zodat hij uw adem voelt en tegen uw blote huid aanhouden. Geef ze ook in handen van anderen, maar onder toezicht. Vooral kinderen zitten o zo graag met een puppy te kroelen, dat is heel goed, maar houd ze in de gaten. Dit in handen zijn is allemaal van belang om de pup in te prenten op mensen. Vraag mensen de eerste week hun handen te wassen, voordat ze aan de pups komen. Verder hebt u aan het nest nog weinig werk, de teef houdt, totdat de pups gespeend gaan worden, alles goed schoon. Het harde werken voor u begint pas na drie weken.

 

Als de teef vlak na de bevalling (later kan ook) onrustig steeds rondjes loopt met wat stijve stapjes, bij het baasje of juist in een hoekje komt liggen, weinig van het nest wil weten, voortdurend hijgt, wat afwezig lijkt, in een later stadium waggelend loopt en omvalt, daarbij kramperig trekkend met nek en poten, dan moet u bedacht zijn op eclampsie. Het ziet er een beetje uit als stuipen. Eclampsie wordt veroorzaakt door een calciumtekort, (liever gezegd door een verkeerde calcium-fosforverhouding, die gedurende de hele zoogperiode kan ontstaan, maar vooral de eerste dagen na de bevalling. Dat komt door de sterk verhoogde afgifte van calcium in de moedermelk. Dit is wat simpel gezegd, want waarschijnlijk zijn de bijnieren de echte boosdoeners. Als de teef in zo’n geval niet op tijd calciuminjecties krijgt, kan zij zelfs in coma raken. Dus direct naar de dierenarts! Nu niet paniekerig worden. Gelukkig komt dit zelden voor bij teefjes. Wij hebben dit met Nouchka meegemaakt. Ze heeft injecties gehad en het resultaat was dat het verder goed ging met haar, maar het advies was om haar in het vervolg voor de bevalling geen puppybrokken meer te geven. Maar gewoon voer en 1 keer per week een hard gekookt ei.

U kunt de teef ook na de geboorte van de pups één of meerdere calciumtabletjes geven. Dit verdeeld over de dag. Dit kan mogelijk een bezoek aan de dierenarts ivm de eclampsie voorkomen.

 

Het gemiddelde aantal pups ligt bij de Hollandse Smoushond en het Markiesje op 4 tot 5 pups.

 

Wij vinden een nestje fokken nog steeds een hele belevenis en erg leuk. Hopelijk geniet u er net zo van als wij.